Oudste medewerker van Nederland

Oudste medewerker van Van Raam (90 jaar) In Volkskrant

De oudste medewerker van Van Raam, Henk Kluver 90 jaar oud 68 jaar bij van Raam in dienst, nog iedere dag werkzaam, in de Volkskrant van 2 maart.

De heer Kluver is in april 2012 90 jaar geworden. Op 14 jarige leeftijd begon de heer Kluver in Amsterdam in de fietsbranche bij Locomotief. Nu werkt hij al 68 jaar bij Van Raam aangepaste fietsen. In de Volkskrant van afgelopen weekend werd er ingegaan op mensen die op hoge leeftijd nog werken.

De tekst van dit artikel is onderaan opgenomen.

De heer Kluver is onlangs al officieel uitgeroepen tot oudste medewerker van Nederland.
Hiervan zijn er leuke videofilmpjes gemaakt. Zijn uitspraak tijdens een van deze filmpjes heeft zelfs de Wereld Draait Door en Ik hou van Holland gehaald.

Vorig jaar heeft onder andere de Telegraaf ook al over Henk Kluver geschreven en heeft  omroep Gelderland een erg leuk filmpje van hem gemaakt. Het oude filmpje en het oude artikel in de Telegraaf over Henk Kluver.

Filmpje van Henk Kluver die VW Transportbus wint

Henk Kluver is officieel  de oudste persoon in Nederland die nog zoveel uren in dienstverband werkt.  Hij heeft hiervoor een Volkswagen Transportbus gewonnen.

Deze filmpjes werden gemaakt door Volkswagen. Let op zijn uitspraak aan het eind deze is onder andere bij DWDD en Ik Hou Van Holland herhaald.

Artikel in de Volkskrant van 2 maart 2013

De geest moet in beweging blijven  


Elke werkdag zegt Henk Kluver ’s ochtends zijn vrouw gedag, start de auto en rijdt van zijn huis in Aalten naar de fietsfabriek in Varsseveld. Daar trekt hij een overall aan over zijn pak (altijd een stropdas), haalt een kam door de haren en gaat aan het werk. Henk Kluver is 90 jaar, en fietsenbouwer sinds zijn veertiende. ‘Ik werk niet ondanks mijn leeftijd’, zegt hij, ‘maar dankzij.’ 

Bijna dagelijks wandelt Hendrik Hazeu naar het gemeentehuis van Horst aan de Maas, kijkt in zijn postvak, downloadt nieuwe raadsstukken op zijn Ipad en leest ze terwijl hij een bekertje chocolademelk drinkt. Hendrik Hazeu is 85 jaar en een van de oudste gemeenteraadsleden van het land, maar kan nog goed mee met de jonge honden van zijn fractie: de SP. ‘Het belangrijkste van ouder worden’, zegt hij, ‘is niet oud worden. En onder oud worden versta ik: verdorren en verdrogen.’ Drie keer in de week fietst Wim Hartog de zes kilometer van zijn huis in Buitenveldert naar de bakkerij aan de Wibautstraat, door het manische verkeer van Amsterdam. Hij fietst langs een bejaardenhuis, waar mensen jonger dan hij naar buiten kijken.

Wim Hartog is 89 jaar, zijn lichaam broos, maar dat hoort erbij en daar kun je verder niets aan doen, behalve zo min mogelijk naar de dokter gaan. In de bakkerij draagt hij een bakkersbroek en een bakkersmuts, hij weegt volkorenmeel af, of maakt speculaasdeeg en houdt het kasboek bij. ‘Als ik niet werk’, zegt hij, ‘gaat m’n hart verroesten’.

 Het zijn drie gewone mannen die je gewoon kunt tegenkomen op straat. Ze kennen elkaar niet, en wonen verspreid door het land. Het enige dat ze bindt, is de passie waarmee ze leven: ondanks hun ouderdom zijn ze altijd blijven werken. Pensioneren is niet aan hen besteed, dat haalt de fut maar uit een mens. Als je ze ontmoet, valt op dat ze nog iets gemeen hebben: hun blik. Ze hebben alle drie uitzonderlijk heldere, priemende ogen, alsof het hele leven dat ze al achter zich hebben, de overwinningen, de teleurstellingen, er geen vat op heeft gekregen. Henk Kluver: ‘Ik heb niks met oude mensen. Moet je horen: ik bedoel dus oude mensen die zich oud voelen. Die medelijden hebben, met zichzelf. Ja – zo is het toch?’ Hendrik Hazeu: ‘Ik ben geen bejaarde. Ik ken best veel bejaarden, maar die zijn jonger dan ik.’ Wim Hartog: ‘Mensen willen vaak eerder stoppen met werken, maar ze vergissen zich. Het kan zo armoedig zijn. Een hobby hebben is leuk, maar elke dag alleen maar hobby’s doen is vreselijk.’ Als het over oude mensen gaat zoals het meestal over oude mensen gaat, dan vallen al snel de termen thuiszorg, eenzaamheid, armoede, vergrijzing, mantelzorg, ziektekosten.

Ouderen zijn vooral een probleem, dat almaar groter wordt nu ze almaar ouder worden. En  dan moet je dus niet bij deze drie mannen zijn, want die worden oud op hun eigen manier, en ze zijn niet de enigen. Het aantal 65-plussers dat door blijft werken, vaak in deeltijd, groeit volgens het CBS gestaag tot negentigduizend vorig jaar. Daaronder zijn tienduizend 75-plussers. En deze drie, horen daar erg graag bij.

In Duitsland zijn er fietsfanaten die de handtekening van Henk Kluver op hun voorvork willen. Alleen hij kan zo’n vork met de hand biezen, zoals het vroeger ging: in één streep met de penseel, rats naar beneden – dat is ervaring. Hij doet het nog steeds, op verzoek. Begonnen als veertienjarige in Amsterdam, verhuisde Henk Kluver begin jaren negentig mee met het bedrijf naar Varsseveld, waar fietsfabriek Van Raam zich tegenwoordig toelegt op driewielers en andere aangepaste fietsen, in grote, met frames en onderdelen gesorteerde hallen. Er werken meer 65-plussers in de fabriek, steeds meer, maar Henk Kluver is de enige met een eigen parkeerplaats voor de deur (bordje: “ Kluver’) en de enige die een stropdas draagt. Hoornen bril, grijze haren keurig naar achteren. 

Vijftig jaar geleden was hij bedrijfsleider. 25 jaar geleden ging hij met pensioen. Het liefst wandelt Henk Kluver door de montagehallen, en kijkt hoe ‘de jongens’ aan hun fietsen werken. Soms blijft hij staan, en wijst ze ergens op. ‘Ik zie weleens dingen. Dan zeg ik: die lasnaad gaat breken want die is te snel afgekoeld, en inderdaad, dan breekt ie. Ik zeg tegen de jongens: er is maar één kwaliteit, en dat is een goede kwaliteit. Dat was in 1953 zo, en dat is in 2013 zo. Ik verzorg hier de levenslessen, zo zie ik dat. Ik zal je er eentje vertellen: we hebben net een nieuwe fabriekshal. Dan zeg ik tegen de directie: pas op, je zult niet de eerste zijn, die zich dood bouwt. Dat gebeurde ook bij een Amsterdamse firma destijds:: die waren schatrijk, maar gingen failliet. Ik geloof wel dat men hier luistert, naar dat soort verhalen.

’s Ochtends is hij op de fabriek, ’s middags is hij thuis bij zijn vrouw, waar hij schildert (stadsgezichten van olieverf, altijd Amsterdam) en werkt aan zijn postzegelverzameling. ‘Mijn grootste angst is: achter de geraniums. Mijn vrouw zegt steeds vaker: je bent negentig. Blijf toch eens wat vaker thuis. Dan zeg ik: mijn geest moet in beweging blijven.’ Wat Henk Kluver ook graag zegt: ‘Vroeger was niet alles beter, vroeger was alles precies hetzelfde.’ Ze zijn alle drie geboren in de jaren twintig, groot geworden in de harde jaren dertig, alle drie zijn ze als jongemannen tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Duitsland gestuurd voor de Arbeitseinsatz en er ongebroken uitgekomen.

Ze hebben de wederopbouw meegemaakt en gezien hoe Nederland steeds rijker werd, zo rijk dat de jongeren van nu niet eens meer weten wat echte armoede is. Wat hun betreft, zeggen ze, is het best merkwaardig als je mensen op televisie hoort vertellen dat het crisis is, omdat ze niet meer op wintersportvakantie kunnen. Maar druk maken ze zich daar niet over. Wie zich druk maakt, tart de tijd.

Wat is het geheim van energiek ouder worden? Henk Kluver: ‘Humor. Ik begin hier elke dag met een witz.’ Wim Hartog: ‘Geluk. Ik ben in de oorlog in Duitsland bijna doodgegaan aan de pleuris, en bijna platgebombardeerd, daar kom je heel sterk uit. Zo leer je echt het leven waarderen.’ Hendrik Hazeu:  ‘Meteen met iets nieuws beginnen, zodra het oude stopt.’ Hendrik Hazeu is inmiddels begonnen aan zijn vijfde carrière: die van gemeenteraadslid in Horst aan de Maas, een van de grotere gemeenten in Noord-Limburg. Hij komt het gemeentehuis binnen via de raadsledeningang, loopt langs de postvakjes en gaat zitten in een vergaderzaal. Hij draagt een overhemd van fleecestof, een spijkerbroek en een canvas boodschappentas, waarin hij zijn Ipad vervoert.